Met een 15-tal deelnemers
staan we aan de start van deze "extreme" trail" in het
Zuiden van Marokko. De wedstrijd wordt georganiseerd door Alain Charlier
van Iron Organisation in samenwerking met Lahcen Ahansel, 37 intussen
en 10-voudig winnaar van de Marathon des Sables. Oorspronkelijk zouden
we 100 km lopen van Agdz naar Zagora door de vruchtbare vallei van de
Draâ. Problemen met veiligheid en vergunningen zorgen ervoor dat
het plaats vinden van de trail even in gedrang komt. Op een alternatief
parcours kan de wedstrijd na wat heen en weer gepalaver toch doorgang
vinden. De wedstrijd loopt nu over de route van de extreme Zagora Marathon.
Deze vindt ieder jaar plaats eind december. De ondergrond bestaat uit
een mengelmoes van ongelijke paden met veel keien, stoffige zandpaden,
zandduinen, zand, enkele "stenenvelden" en een beklimming
van een djebel, een Marokkaanse heuvel met Sangaspas-allures met een
bijbehorende zeer steile, moeilijke afdaling. Deze lus doen we 2 maal
en hieraan wordt het lusje van de halve marathon gebreid.
Alle deelnemers zijn naar hier gekomen met hun eigen verwachtingen.
Mijn broer Luc, die na meer dan 10 jaar zijn come-back op "den
ultra" maakt, wil vooral zien hoe lang zijn lijfmee wil/kan. Met
slechts 3 tot 4 maanden serieuzere training in de benen belooft het
in ieder geval een zware dobber te worden. Maastrichtenaar Henk Sipers
wil nòg Sahara na zijn succesvolle Marathon des Sables van 2004.
Onze andere Nederlandse vriend Math Roberts komt voor het eerst van
het echte trailwerk proeven. Hij wil goed trainen en zich vooral niet
forceren met het oog op een goede 6 uren van Stein op 1 maart. Met zijn
staat van dienst en zijn scherpe PR's op 100 km en 24 uurswedstrijden
lijkt hij de te kloppen man te worden. Voor de rest bestaat de groep
uit Walen met allen al wat ultra- en trail-ervaring. Op de laatste knip
komen nog 3 Marokkanen de groep vervoegen. Slechts 1 hiervan zal de
wedstrijd uitlopen. De andere 2 komen trainen voor de Marathon des Sables
einde maart. Ik stel mezelf als doel om een top 3 plaats te lopen met
een tijd van liefst onder de 12 uur. Na mijn bevredigende Nacht van
West-Vlaanderen van juni afgelopen jaar naam ik een 3-tal maanden recupe.
Vanaf oktober bouwde ik langzaam op vanaf 50 km/week. Een redelijk intact
lijf na Olne-Spa-Olne, eind november, doet me besluiten om door te trainen
naar een mooier doel, de 100 kilometer lange trail des Oasis in Marokko.
Ik draaide enkele weken van 120 km maar een kleine maand voor de afreis
moest ik toch een dikke week rusten met een hardnekkige bronchitis.
Alzo beland ik aan de start met een met een vorm van 7.5/10.
De start 's morgens om 6 uur met de hoofdlamp op vind plaats op een
open kiezelvlakte. Na een paar honderd meter dalen we steil tussen grote
stenen tot dat we op een zandweg komen. Ik start voorzichtig in het
donker en loop even in de buik van de groep. Math schuift langzaam weg
met 2 Marokkaanse hazen. Om meer zekerheid over het parcours te hebben
besluit ik met hun mee te gaan. Het tempo ligt iets te hoog voor mij
maar ik kan het drietal in het vizier houden tot bij de eerste bevoorrading
na 9 km in 50 minuten. Math meldt dat 1 van de Marokkanen ook de 100
wil voltooien. Vanaf dit punt zie ik Math niet meer tot bij de aankomst.
Mijn mikpunt is dus verdwenen en ik ben aangewezen op de stapeltjes
stenen die de weg aanduiden maar vooral op mezelf. Bevoorrading 2 ligt
op een grote vlakte in een tentje waart een Berber de thee inschenkt
en ons voorziet van dadels, appelsienen en vooral veel water. Als controle
mogen we onze borstnummer op een papiertje noteren. De camelbag wordt
aangevuld met water. Ik maak wat sportdrank voor in mijn bidon en een
flesje water gaat nog mee in de hand. De temperatuur klimt naar 25°.
Klimmen, dat doet de weg die van hieruit vertrekt ook over enkele kilometers.
Boven bedwingen we enkele duinen. Daarna storten we ons in het mulle
zand naar beneden richting de majestueuze vlakte die voor ons ligt.
We steken deze recht over tot bij Lahcen die een eenzame palmboom gezelschap
houdt en die ons verder de weg wijst, scherp naar links over enkele
kleine duintjes. Een kwart van de trail zit er ondertussen op en ik
besef dat ik wel eens met een serieus voetenprobleem zou te maken kunnen
krijgen. Ik loop met het eerste paar trailschoenen uit mijn carrière.
De testen de afgelopen weken leken OK maar dit terrein vraagt duidelijk
beter. Het half maatje groter volstaat niet aan teenruimte. De gaiters,
die ik zelf met een ijzerdraad onder mijn schoenen door bevestigd heb,
komen los en de zand heeft de vrije baan. De vaseline aan mijn voeten
laten de zand nog wat beter kleven. Het schuiven van de voeten door
het oneffen terrein zorgen geleidelijk voor een ravage binnenin. Schoenen
leeg maken en sokken uitkloppen zijn niet meer dan een doekje voor het
bloeden. De loopstijl wordt naar best vermogen aangepast. Bij de derde
post op km 34 vallen Didi, Michel en Maiden me op de hals. Didi, de
altijd lachende Marokkaanse gazelle, won vorig jaar de Marathon de Sables
bij de dames en was 32ste in de totaalstand. Zij stopt hier haar training
voor vandaag. Michel, "le Gladiateur", loopt hier al zijn
101ste 100 km. Zijn specialiteit is vooral snelwandelen maar ook op
de technisch moeilijke stukken kan hij heel goed uit de voeten. Maiden
sukkelt al enkele jaren met een chronische achillespeestendinitis en
voltooit de 100 km op de mountainbike. Even na de bevoorrading leidt
een rotsachtig pad ons naar de top van de djebel, waar we een prachtig
uitzicht hebben over een uitgestrekt, vlak woestijnlandschap. De afdaling
is moordend aan de voeten en ik kan niet anders dan denken aan de tweede
passage die we binnen 42 km moeten zien te overleven. Lopen is hier
niet meer aan de orde. Maiden komt levend beneden met zijn fiets op
zijn rug. Wat een beest! Langs een tros dromedarissen lopen we terug
Zagora in op weg naar het startpunt waar we onze tweede ronde kunnen
aanvatten. De eerste marathon klaren we in 4.30. Michel loopt even met
me mee en klaagt over zware benen. Mijn probleem situeert zich een halve
meter lager. Bij de eerst volgende afdaling ontsnapt Michel. We passeren
een dorpje en even ben ik meer met mezelf bezig dan met de wedstrijd.
Ik verdwaal. In het dorp zie ik meerdere witte pijlen maar een langharige
dorpsbewoner beweert dat er geen lopende wezens geweest zijn. Ik loop
naar een bouwwerf die ik me nog herinner uit ronde 1 en vraag de weg.
Ik moet terug en wat verder kom ik bij de gemiste afslag, even voor
de bevoorradingspost bij km 51. De pijn aan de voeten is nu al een tijdje
stabiel en dat geeft hoop waardoor de kilometers vlot fijn gemalen worden.
Er drijven wat wolken binnen en ook de wind komt wat opzetten. Eigenlijk
vind ik het niet eens erg. Wat verder, op een grote vlakte waait de
wind zo fel dat ik mijn pet in de hand moet hand. Mijn bril beschermt
mijn ogen tegen de striemende zand. Even later krijg ik zelfs enkele
verdwaalde regendruppels over me heen. Ik hoor later dat achter in het
veld een heuse bui valt inclusief hagel. Voordat ik aan de post bij
km 76 ben schijnt er alweer een zonnetje en de wind is gekalmeerd. Als
ik hier mijn schoenen nog eens ledig en mijn sokken uitklop, komt Luc
breed lachend uit de tegenovergestelde richting aangelopen. Al meer
dan drie uur zit hij zonder bevoorrading. Luc is rond km 45 de weg kwijt
geraakt en koppig als hij is, is hij blijven zoeken om terug ergens
op de juiste route te komen in plaats van terug te lopen tot het laatste
herkenningsteken. Als de grootste dorst gelaafd is zoekt hij na een
kwartiertje een alternatieve weg naar de aankomst. Na 12 uur wedstrijd
komt Luc aan de aankomst en hij kan positief terugkijken op een goede
testloop. Ik moet vanaf km 76 terug die ellendige berg over. Ook bergop
wordt deze keer wandelend afgelegd. De afdaling gaat nog trager. We
komen bij het dubbele marathonpunt en over de tweede helft deed ik bijna
een uur langer. Vanaf de voorlaatste bevoorrading zitten we op het nieuwe
maar zeker niet makkelijkere parcours. Op een slingerend, oplopend pad
tussen oneindig veel keien begint mijn rechter dikke teen hevig op te
spelen. Lopen lukt enkel met veel gevloek en gegrimas. Ik ben ondertussen
ook al 12 uur te poot en het zonnetje zegt ons vaarwel. Ik hoop toch
nog voor de duisternis te finishen. Op een heuvel zie ik plots het silhouet
van een afgetrainde sportman in een rood trainingsjack. Het is Lahcen
die nog wat komt aanmoedigen. Nog 4 kilometer doorbijten. De weg wordt
terug wat beter en ook de pijn aan de voeten trekt wat weg. Ik krijg
mijn benenspel terug vlotter rond. Ik bereik uiteindelijk de finish
in ons 4 sterrenhotel in Zagora, net voor het duister, in een tijd van
12.47. Alain, Marc, Maiden, Michel, Malou en Luc staan me op te wachten.
De Marokkaan Abdul wint de wedstrijd in 11.47 voor Math die nog met
Michel gestreden heeft voor plaats 2. De laatste kleine ronde neemt
een ontketende Math nog een half uur op Michel die derde wordt. Ik arriveer
10 minuten laten op precies 1 uur van de winnaar. Uiteindelijk zijn
we allemaal winnaars omdat we dit avontuur mochten meemaken. De eerste
4 in de eindstand ontvangen een stenen beker en om de idee "Céleste"
te benadrukken ontvangt ook de laatste finisher een beker. We hebben
allen onze dromen die we proberen waar te maken. Henk is de laatste
die de droom van de Trail des Oasis in Marokko realiseerde en daarom
krijgt hij de trofee "Céleste".